Bouwsysteem

U heeft de keuze uit meerdere soorten bouwsystemen.

Traditionele bouw

Traditionele bouw is de bouwmethode die in de loop van jaren is ontwikkeld en waarbij gebruik gemaakt wordt van lokaal gangbare materialen. In ons land zijn dat baksteen, dakpannen en hout.

Voor het binnenblad (binnenzijde) bijvoorbeeld kalkzand- steen, cellenbeton- blokken, of Porotherm keramische stenen.

Vloeren zijn bijna altijd van beton, zowel voor de begane grond als voor de verdieping. Ze worden in een fabriek geprefabriceerd en met een kraan op de dragende muren gelegd. De dakplaten worden eveneens geprefabriceerd en bestaan uit houten regels, isolatiemateriaal en latten voor de dakpannen. De platen worden met de kraan op hun plaats gelegd. Zo is het traditionele stapelen goeddeels vervangen door montage van prefab-elementen.

Rondom de dragende muren wordt een spouwmuur gemaakt met isolatie in de spouw en buitenmuren van gemetselde bakstenen. Kozijnen worden nog vaak van hout gemaakt en op de prefab daken komen dakpannen van beton of keramiek. Er is een goede warmte-isolatie, een goede vocht- en tochtwering en de onderhoudskosten zijn beperkt.


Houtskeletbouw

Houtskeletbouw (hsb) is een flexibele, droge en lichte bouwmethode. Houtskeletbouw uitermate geschikt voor prefabricage. De elementen worden gemaakt met kleine maatafwijkingen, waardoor de aansluitingen nauwkeurig passend zijn. Het is een snelle bouwmethode. De inzet van materieel op de bouwplaats is gering en daardoor is de methode bijzonder geschikt voor projecten met weinig ruimte. De ruwbouw kan na het plaatsen van de fundering in één dag wind- en waterdicht zijn. Doordat het een droge bouwmethode betreft is bouwvocht vrijwel niet aanwezig en is het niet nodig de woning droog te stoken. Houtskeletbouw is energiezuinig, zowel tijdens de bouw als in het gebruik. De milieuvriendelijkheid wordt onder andere bepaald doordat hout een hernieuwbare grondstof is. Het voor de opbouw van de elementen gebruikte vuren behoeft geen verduurzaming.


Staalframebouw

Idem aan houtskeletbouw echter nodig flexibeler en een nog grotere mate van prefabricage is mogelijk. Ook zijn leiding e.d. relatief makkelijker in wanden en vloeren aan te brengen. Het totale gewicht van het gebouw is behoorlijk lager dan elke andere vorm van bouwen, wat gunstig voor de fundering kan zijn en dus kosten besparend. Ook is het goed mogelijk een „lage energie woning” of „passief huis” in staalframebouw te realiseren.


Lage energiewoning

Lage energiewoningen worden steeds populairder. Dit heeft niet enkel te maken met de gezonde leef- en woonkwaliteit van deze woningen, maar ook met het concept dat er aan vast hangt : duurzaam bouwen, laag energieverbruik, minimale verwarmingskosten, enz.

Een lage-energiewoning geldt vanaf een verwarmingsbehoefte van 60 kWh/m²/jaar. Dit hangt dan weer af van verschillende factoren: de woning moet goed georiënteerd zijn. Ideaal is een noord-zuid- oriëntatie. Verder is een compact ontwerp en extra aandacht nodig voor het isoleren van de buitenschil en de optimale luchtdichtheid. Voor de aanvoer van verse lucht is een ventilatiesysteem nodig, eventueel gekoppeld aan warmterecuperatie.

Wat de verwarming betreft, gaat de voorkeur naar zuinige oplossingen. Hierbij komt een energiezuinige cv-ketel in aanmerking.


Passief huis

Het passiefhuis is een optimalisering van de laag energiewoning. Het is een comfortabel en heel energiezuinig huis, zowel ion de zomer als in de winter. De warmteverliezen zijn zo laag dat er geen conventionele verwarming nodig is.

Er is ook geen actief koelsysteem nodig om in de zomer van een aangenaam binnenklimaat te genieten. Het resultaat: uw energiegebruik is zomaar 75% lager dan bij een traditionele nieuwbouwwoning gebouwd volgens de huidige standaard. Bovendien helpt u de opwarming van de aarde bestrijden.

Bouwsysteem